Verhalen over handenwassende artsen, koffiedrinkende ambtenaren en gedragsverandering

Dit artikel verscheen eerder deze week op adformatie.nl onder de titel Wat de weigering van artsen om handen te wassen ons vertelt over gedragsverandering.

depositphotos_12802635-stock-photo-washing-hands-cleaning-hands-hygiene

We leven in onze eigen verhalen. Verhalen helpen te begrijpen wat er gebeurt en wat we moeten doen. Zo was er een man op Twitter die vertelde dat ambtenaren een vergoeding vragen omdat ze geld kwijt zijn aan koffie nu ze moeten thuiswerken. Beschadigend nepnieuws, gebaseerd op een oud verhaal over ambtenaren dat nog altijd plakt als secondelijm.

Krachtige verhalen houden de wereld logisch. Ze voorzien een onduidelijke en weerbarstige werkelijkheid van zin en betekenis. Een verhaal onthult en bedekt. Het zet de schijnwerper op een paar aspecten van de werkelijkheid en onttrekt andere aan het zicht.

Verhalen hangen op complexe wijze samen met ons gedrag. We zijn geneigd te zeggen dat theorieën over de werkelijkheid voorafgaan aan onze beslissingen. Volgens de beroemde organisatiepsycholoog Karl Weick is echter vaak het omgekeerde het geval. Al pratend en schrijvend, onder invloed van veel factoren, nemen we de hele tijd beslissingen met elkaar.

Dat doen we meestal zonder dat we daar uitgesproken theorieën of ideeën bij hebben. Pas nadat de beslissingen genomen zijn, voorzien we ze van zin en betekenis. Kijk bijvoorbeeld naar de geschiedenis van je eigen duurzaamheidsgedrag. Geholpen door de aanwezigheid van steeds meer voorzieningen, begon je steeds vaker je afval te scheiden. En na verloop van tijd begon je het ook écht belangrijk te vinden.

Malaria door slechte lucht

In 1844 raakte dokter Ignac Semmelweis gefascineerd door het hoge sterftecijfer op de kraamafdeling van zijn ziekenhuis in Wenen (bron: OVT). Als eerste ontdekte hij hoe deze ziektes konden worden voorkomen: artsen moesten hun handen wassen. Hoewel zijn cijfers boekdelen spraken, werden de bevindingen door artsen lange tijd verworpen. Dat had twee redenen. Allereerst kwam het idee van ziekteverspreiding door bacteriën niet voor in de medische theorieën. Het verhaal ontbrak simpelweg. Ziektes ontstonden door verontreinigde lucht, zo was het idee. Het woord malaria (slechte lucht) laat dat nog zien.

De tweede verklaring heeft te maken met wat Karl Weick noemt enacted sensemaking. We begrijpen de wereld niet (alleen) uit wat we weten, maar ook uit wat we doen. De artsen konden simpelweg het idee niet accepteren dat zij zelf ziekten veroorzaakten. Zij die er alles voor deden om levens te redden? Lang nadat Semmelweis op tragische wijze was overleden vonden zijn ideeën over handen wassen alsnog hun ingang.

Betekenis en gedrag

Samenvattend: ideeën leiden tot doen, maar doen leidt dus ook tot ideeën. Betekenissen en gedrag brengen elkaar in een en dezelfde beweging tot stand. Zo ontstaan verhalen die wat we doen als logisch en consistent voorstellen. Juist daarom moet je ze af en toe debunken. Bij anderen maar vooral bij jezelf. Maak ik een keuze omdat mijn verhaal nou echt zo logisch en waar is? Of vind ik mijn verhaal logisch omdat ik deze keuzes nou eenmaal heb gemaakt?

Dat is ook belangrijk voor wie zich bezighoudt met gedragsveranderingen rond de corona-epidemie. Het is begrijpelijk dat in de eerste fase van de communicatie over de epidemie concrete handelingsinstructies de boventoon voerden. Handenwassen, anderhalve meter afstand, niet naar feestjes gaan: gedragsverandering begint inderdaad bij doen!

Tegelijk zitten handen schudden en tegen-elkaar-opbotsen-in-supermarkten diep verankerd in ons gedragsrepertoire. Hoewel bijna iedereen het ermee eens is, verzet het hele lichaam zich als het ware tegen de gedachte dat zulke handelingen ineens niet logisch en legitiem meer zijn. Ze voelen net zo gewoon en ‘waar’ als dat ambtenaren veel koffie drinken.

Hulp bij acceptatie

Naast herhaling van nieuw gedrag blijft het daarom belangrijk elkaar te ondersteunen bij het ontwikkelen en adopteren van krachtige verhalen die passen bij het nieuwe gedrag. In de afgelopen weken waren daarbij vooral verhalen over ziekenhuizen en zorgmedewerkers onmisbaar. De nijpende situaties op IC-afdelingen, de vlogs van frontwerkers, de lijdensweg van de patiënten. Ze vertellen tastbaar en indringend een verhaal over wat jouw gedrag betekent voor anderen. Dat helpt om nieuw gedrag te accepteren dat voor jezelf nog niet automatisch voelt als zinvol, redelijk en nuttig.

Het verloop van deze crisis zit vol onzekerheden, maar ik zou onszelf aanmoedigen om de combinatie van ‘doen en zin’ nog lang vol te houden.

 

 

Onkwetsbaarheidsillusies

bootcampMensen voelen zich graag onkwetsbaar. Dat is lastig als je wilt dat iedereen regels voor sociale afstand en hygiëne in acht neemt. Het kan helpen om de kwetsbaarheid van anderen meer aandacht te geven.

Net als historicus Rutger Bregman geloof ik dat de meeste mensen deugen. Je hoeft trouwens maar om je heen te kijken om te zien dat dat zo is. We staan te trappelen om eenzame ouderen te voorzien van boodschappen. We bedenken acties om noodlijdende eenpitters te ondersteunen. We klappen gepassioneerd voor zorgmedewerkers.

We deugen, maar we zijn ook weer geen heiligen. Niet voor anderen en niet voor onszelf. Zo blijkt uit onderzoek en nieuwsberichten dat we ons slecht houden aan de gedragsregels rond corona. Handen wassen doen we matig. In supermarkten negeren we volop de regel van anderhalve meter afstand. Het Vondelpark stroomt vol met bootcamps en yogagroepen, jongeren knuffelen en schudden elkaars handen.

Het is vanuit de psychologie wel te begrijpen. De meeste mensen lijden in meer of mindere mate aan een onkwetsbaarheidsillusie. Bij veel risico’s schatten we in dat anderen moeten uitkijken, maar dat het met onszelf wel los loopt. Het is tot nu toe immers altijd goed gegaan.

Het heeft veel voordelen om je niet de hele tijd kwetsbaar te voelen. Het leven vraagt om durf en onbekommerdheid. Anders kom je nergens toe. Overtuigingen van onkwetsbaarheid kunnen bovendien helpen om gedrag te legitimeren dat ik eigenlijk niet wil veranderen. Als ik mezelf voorhoud dat ik onkwetsbaar ben voor het virus – bijvoorbeeld omdat ik vind dat ik mijn handen goed was – dan kan ik gaan en staan waar ik wil. Ik kan ten slotte anderen niet besmetten en ik weet wat ik moet doen om zelf niet besmet te raken.

Of bij zulke overtuigingen een zekere mate van zelfbedrog komt kijken is makkelijk te onderzoeken met een gedachtenexperiment. Stel je bijvoorbeeld voor dat niet het coronavirus maar een nieuwe, voor iedereen dodelijke variant van het aidsvirus rondwaarde, en dat het op precies dezelfde manier besmettelijk was als corona. Zou je even makkelijk de supermarkt binnenwandelen? Zou je met dezelfde voorzorgsmaatregelen genoegen nemen?

Inzichten over onkwetsbaarheidsillusies kunnen helpen om naleving van gedragsregels te bevorderen. Als we voor onszelf geen probleem zien, kan het extra belangrijk zijn dat we de situatie van anderen voor ons zien.

Het goede nieuws is dat mensen inderdaad altruïstisch willen zijn. In sommige situaties doen we dingen die ‘moeten’ eerder voor anderen dan voor onszelf. In het toilet van een ziekenhuis werden bordjes opgehangen met de tekst: “Handhygiëne voorkomt dat je ziektes krijgt.” Het had geen effect op de frequentie van handenwassen en het zeepgebruik. Op andere plekken werden iets andere teksten opgehangen: “Handhygiëne voorkomt dat patiënten ziektes krijgen.” In deze ruimtes gingen artsen en verplegers vaker handen wassen en nam het zeepgebruik met 45 procent toe.” Ook bij andere dan medische doelgroepen zijn positieve effecten gemeten van altruistische boodschappen.

Wat betekent dit voor wie gedragsregels rond corona onder de aandacht wil brengen? Allereerst kan de ernst van het coronavirus op sommige momenten saillanter worden gemaakt. Voor velen is corona een onzichtbare vijand over wie iedereen praat, maar die buiten de eigen ervaringswereld huishoudt. Concrete verhalen en beelden kunnen gevoelens van urgentie en altruïsme stimuleren. Daarnaast kunnen we in communicatie over het coronavirus vaker taal gebruiken die aan altruïstische motieven appelleert. In plaats van ‘tips om verspreiding tegen te gaan’ kun je het hebben over ‘tips om elkaar te beschermen’. Vraag collega’s, buurtbewoners en gezinsleden wat ze nog meer kunnen doen om elkaar veilig te houden.

Want altruïsme in tijden van virussen begint met hygiëne. Pas daarna kunnen we ons te buiten gaan aan boodschappen en applaus.

 

Met dank aan Rick Nijkamp voor de tip over het handenwassen-onderzoek.

Fiks het met bordjes

Bordjes zijn de misbaksels onder de communicatiemiddelen. Ze wekken irritatie en lachlust.

Het schlemielige imago is onverdiend. Als je de valkuilen omzeilt, maak je van je bordje een overtuigingswapen.

In het Vlaamse vakblad Ad rem bespreek ik zeven tips voor bordjes met fixeerkracht. Kort samengevat: ontwapen je publiek en praat zoals thuis.

(Met dank aan Ravi en Dana voor bovenstaande foto’s)

 

Overtuigen? Zoek een schaduwdoelwit

lubach

Zondag met Lubach is weer begonnen. Dat is goed nieuws voor liefhebbers van retorische technieken.

Afgelopen zondag was het meteen raak. Vooral het item over blokkerende actievoerders was rijk aan lessen in handig overtuigen.

Eén techniek wil ik hier bespreken. Ik weet niet of er een naam voor is, maar voorlopig noem ik hem de schaduwtechniek. Je mikt niet op de roos, maar op een doelwit dat erop lijkt. Lees verder

Verboden te spuwen

Verboden-te-spuwen-17x4,5Deze week mocht ik medewerkers van een OV-bedrijf toespreken. Het ging over communicatie en gedragsverandering. Ik vertelde dat ik al heel mijn leven gefascineerd ben door bordjes in treinen en trams, of eigenlijk in alle publieke ruimtes. Omdat ze zo ongemakkelijk zijn.

Ik zei dat ik niet wist of er boeken of handleidingen zijn over hoe je plezierige bordjes maakt. Dus we begonnen regels te verzinnen. We formuleerden er zes:

1. Doe het niet. Mensen moeten al genoeg informatie in zich opnemen. En je behang is te mooi om er een lelijk bord op te schroeven. Kun je het probleem anders oplossen? Of kun je de boodschap zonder woorden overbrengen?

treinboeken

 

2. Beperk ‘niet-boodschappen’ zo veel mogelijk. Mensen worden recalcitrant als je alleen maar praat over wat ze níet mogen. En als je pech hebt, lok je het gedrag er juist mee uit. (Zeg maar eens tegen iemand: kijk niet naar links!) Vertel dus wat mensen wél moeten doen.

look right

 

3. Praat zoals thuis. Als we een bordje maken, veranderen we vaak in een ambtenaar of een jurist. We gebruiken woorden die we normaal nooit gebruiken. Op een toon die gezinsleden nooit van ons zouden pikken.

Stuur je ambtenaar met verlof. Zeg bijvoorbeeld niet (ik leen de volgende voorbeelden van Seth Godin):

NOT RESPONSIBLE FOR LOST OR STOLEN ITEMS.

BATHROOMS FOR PATRONS ONLY

maar:

Careful! We’d like to watch your stuff for you, but we’re busy making coffee.

Our spotlessly clean restrooms are for our beloved customers only, so come on in and buy something! Also, there’s a public bathroom in the library down the street.

4. Leg uit waarom je het doet. Net als in de alledaagse omgang met mensen is het beleefd en sympathiek als je uitlegt waarom je iets van mensen vraagt. Zeker naarmate het een grotere vraag is. Onze weerstand neemt snel af als iemand moeite doet ons te vertellen wat de reden is van oponthoud, moeite, verbod of ongemak.

Toegegeven, het volgende voorbeeld zondigt tegen veel van de regels hierboven. Maar de uitvoerige uitleg en het bedankje maken veel goed.

20190307_195927

5. Prettige en positieve beeldtaal. Als waarschuwende, beperkende of negatieve boodschappen toch nodig zijn, kijk dan of je ze in eenvoudige en positieve beelden kunt vangen.

priority seats

6. Een (beetje) humor zorgt soms voor ontlading. Het maakt de afzender weer menselijk.

omleiding fietsen

 

 

 

 

 

 

Vijf checkvragen voordat je gedrag gaat veranderen

20190307_195927

Iedereen lijkt tegenwoordig bezig met gedragsverandering. Want ons gedrag veroorzaakt voortdurend problemen. Voor onszelf en voor anderen. Daarom intervenieren en communiceren we erop los. Omdat de resultaten vaak tegenvallen, stel ik altijd deze vijf checkvragen:

  1. Kun je het ook zonder gedragsverandering oplossen? Nee: ga door naar 2.
  2. Kun je gedrag veranderen zonder te communiceren? Nee: ga door naar 3.
  3. Kun je communiceren zonder teksten? Nee: ga door naar 4.
  4. Kun je je tekst halveren? Nee: ga door naar 5.
  5. Denk je echt dat je tekst helpt? Nee: ga terug naar 1. 

 

 

Ideeën zijn bacteriën

spuit-300x227

Plotseling is er in 2018 een ware run op vaccinaties tegen meningokokken, een bacterie die hersenvliesontsteking kan veroorzaken. Ouders eisen dat artsen hun kinderen inenten.

Opmerkelijk nieuws in een tijd waarin antivaccineerders en kritische vaccineerders aan invloed winnen. Hoe wordt een idee ineens zo krachtig dat veel mensen tot actie overgaan?

Lees verder